Geef je waardering:
( 0 bezoekers gaven gemiddeld een 0 aan dit artikel.)
‘Kerken moeten uit hun ivoren toren komen en naar plekken gaan waar mensen zijn’

Er zijn een paar ‘internetgoeroes’ op het kerkelijke erf in Nederland. Soms valt er een af, of komt er een bij. Eric van den Berg is een constante factor. Hij is spraakmakend in de gedachtevorming over kerk en internet en met zijn bedrijf ISI Media geeft hij trainingen over de praktische toepassingen van sociale media voor de kerkelijke praktijk. Onlangs verscheen van zijn hand het ‘Handboek kerk en internet’. ‘Met de benen op tafel’ kijkt hij eens om zich heen.

Web 2.0 is het toverwoord tegenwoordig. Die term staat voor een ontwikkeling op het internet waarbij de relatie tussen de zender en de ontvanger fundamenteel verandert. In de fase web 1.0 was het instituut de zender en gebruikte men massacommunicatie om het individu te bereiken. Eenrichtingsverkeer dus. Die situatie is voorgoed voorbij. Web 2.0 is een interactieve netwerkgemeenschap waarin instituten als autoriteit op hun retour zijn en individuen zelf zender worden. De internetter van vandaag kiest zelf met wie hij communiceert op Facebook of Linkedin, geeft zijn mening te kennen via Twitter, blogs of filmpjes op You Tube, zoekt en vraagt informatie die zij zelf wil hebben. Wikipedia, de on line encyclopedie die door internetgebruikers zelf is samengesteld, is daar het mooiste voorbeeld van. Er is niet één waarheid, maar er zijn duizenden waarheden waarin je als gebruiker moet schiften en selecteren. Web 3.0 zou de volgende stap worden. Dat wordt dan een echte netwerkruimte waarin instituut en individu in gelijke mate met elkaar communiceren. ‘Dat lijkt me wel heel idealistisch, in deze ontwikkeling ga ik niet mee’, zegt Eric. ‘Individuen voegen vanuit hun eigen kracht en talent dingen toe aan het web, maar het instituut zal blijven. In iedere groep is er vraag naar iemand die de leiding neemt, is mijn ervaring.’

Aanvulling

Barst los! Wat is er positief aan sociale media? Waarom moeten kerken er gebruik van gaan maken? Eric: ‘Ik ben geen sociale media – evangelist hoor, maar een realist die de gebruiksmogelijkheden van internet ziet en wil benutten. Voor een organisatie geldt dat je sociale media moet gebruiken als je doelgroep er zit en als het iets toevoegt aan het werk. In dat geval zijn de sociale media een onderdeel van de communicatiestrategie. Dat geldt voor kerken natuurlijk evenzo. Sociale media zijn een aanvulling op de traditionele manieren van communicatie. Het voordeel ervan is dat mensen gemakkelijk te benaderen zijn en dat ze snel reageren. Je kunt er onder meer kennis opdoen, ervaringen delen en getroost worden. De institutionele kerken sterven uit, maar religieuze vragen worden in de hele wereld besproken. Kerken moeten niet in hun eigen hok blijven, maar afdalen uit hun ivoren toren en het goede verhaal dat zij hebben ook buiten de veilige muren van hun kerkgebouw vertellen. Mensen opzoeken, vragen wat hen beweegt en nieuwe vormen van gemeenschap zoeken. Sommige collega’s op internet kiezen ervoor om eerst herrie te maken, dan komen de theologische vragen vanzelf aan de orde, is de gedachte. Sommige zoeken het in authenticiteit. Ik ben meer een creatieveling. Ik gooi tien ballen in de lucht, als er twee werken ben ik tevreden, van die andere acht heb ik dan geleerd’.

Toepassingen

Welke toepassingen van het gebruik van sociale media kunnen voor de kerken van belang zijn? Eric: ‘In deze tijd van het jaar heb ik vierhonderd volgers op de twittergroep @veertigdagen. Iedere dag stuur ik een of twee berichtjes, gedachten, vragen, psalmen, muziek of ik verwijs naar andere groepen. @followfriday bijvoorbeeld roept op om mensen op Twitter te volgen met wie je iets goed te maken hebt. Mooi initiatief in deze tijd voor Pasen toch? Mensen sturen mij weer berichten terug en zo onderhoud ik een soort van pastorale relatie met een grote groep van mensen. In mijn groep @katochismus geef ik de katholieke leer in korte berichtjes weer. Je hebt ook verschillende websites en applicaties op mijn telefoon waarop je on line kunt biechten. Sommige zijn alleen fun, maar de meer serieuze sites helpen je bij een persoonlijk gewetensonderzoek als voorbereiding op de daadwerkelijke biecht bij een priester. Als je er gevoelig voor bent kunt je wellicht ook rituelen beleven via internet. Je kunt bijvoorbeeld virtueel op bedevaart gaan naar Santiago de Compostela door iedere dag bewust een website te bezoeken en zo een nieuwe start in je leven te maken. Onderzoeken wijzen uit dat er geen verschil in beleving en effect is tussen mensen die wandelen en mensen die de website bezoeken. Voor de groepen die de website bezoeken werkt het blijkbaar. In onze eigen omgeving hadden we onlangs natuurlijk het experiment van het Twidden, het bidden via Twitter. Tot mijn verbazing werden er heel wat gebeden getwittert. En nieuw was ook een twitterdienst in Wezep, waarbij twitteren in een reguliere dienst was toegestaan. Alle berichtjes werden op een groot scherm geprojecteerd. Jongeren waren positief en gaven actief feedback op de predikant. En ook mensen van buiten konden reageren. Mijn punt is: Laten we deze initiatieven niet meteen normatief benaderen –mij zeggen ze ook niet altijd wat – , we moeten ze gewoon uitproberen op hun gebruiksmogelijkheden.’

Kritiek

In de week dat we dit gesprek voeren zijn er juist allerlei kritische artikelen over Twitter en sociale media in de kranten verschenen. Stine Jensen schrijft voor de Maand van de Filosofie het essay Echte vrienden. Zij hekelt daarin het narcisme en de diepe zucht naar bevestiging die uit de persoonlijke profielen blijkt. En de illusie van vriendschap zonder intimiteit. ‘Facebook gaat over de net niet echte vrienden’, zegt ze. Sociologe Sherry Turkle beschrijft in haar boek Alone Together hoe mobiele telefoons en computers mensen veranderen. ‘Angst is het onbekende begrip. Je kunt ieder moment straffeloos het contact verbreken. Wat doet dat met mensen? Indringende vragen! Zijn we te positief over sociale media?
Eric: ‘Ik deel de kritiekpunten, maar zie ook de uitdagingen. Er staat inderdaad veel te veel informatie op internet, waardoor schiften moeilijk is. Daar moet je verstandig mee omgaan. Twitterberichten gaan vaak over snel wisselende thema’s, dat is inderdaad vluchtig. Maar ik ben wel als eerste op de hoogte. Je maakt alles real time mee, het zijn allemaal nu-momenten achter elkaar. Ik ben een bewuste consument en meander mee op de golven. Mijn uitdaging is om de contacten die ik leg ook duurzaam te maken. Na de twitterhype van vorig jaar beweegt de slinger zich al weer terug. Mensen gaan veel realistischer met de sociale media om en checken hun accounts op vaste tijden. Ik zie overigens een veel groter gevaar, namelijk het verschijnsel the medium is the medium. De gebruiker wordt produser, producer en consument tegelijk. Hij of zij creëert een beeld van zichzelf op internet en ontleent identiteit aan dit imago. Die schijn moet je dan blijven ophouden voor de buitenwacht. Als jongeren in zo’n volledig in de media geconstrueerde wereld leven, is het moeilijk om hun ware ik nog te vinden en aan bod te laten komen. Wat doet dat met de persoonlijkheidsstructuur van jonge mensen?

Beminde gelovigen

Wil de goeroe nog een slotwoord tot zijn volgelingen richten? Eric: ‘ Kerkmensen moeten geen angst hebben voor internet en sociale media, voor het onbekende en voor de techniek. De techniek gaat niet met je aan de haal als je er bewust mee omgaat. Duik erin, kijk wat je er aan kunt hebben, zie het als middel om mensen te ontmoeten. Voor ouderen met name kan het een uitkomst zijn. Ik geef nog al eens cursussen op vrijdagmiddag als mensen borrels hebben. Ik zet Facebook, Twitter en Linkedin dan open en vraag mijn volgers om mijn cursisten te groeten. Binnen 5 minuten heb ik twintig reacties. Dan hoef ik niet zo veel meer uit te leggen over de werking en de voordelen van sociale media’.

Michel Peters

Dit interview verscheen in Remonstrants Maandblad AdRem, jaargang 22, nr 14, mei 2011

Delen in je netwerk: Share on FacebookTweet about this on TwitterShare on LinkedInShare on Google+Pin on PinterestBuffer this pageEmail this to someone